Wet open overheid

Eerste Kamer 14 september 2021; behandeling van de Woo definitief op 28 september

De minister van BZK is ruim op tijd gekomen met haar reactie op het verzoek van de fractie Nanninga. Het verzoek was om te komen met een overzicht van beslistermijnen in Europa. De resultaten zijn te vinden in een Nota naar aanleiding van het Verslag en daarbij horende bijlage (en de beslisnota). Dat betekent dat niets aan een behandeling op 28 september a.s. in de Eerste Kamer in de weg staat!

Achtergrond van de vraag was of Nederland met de in de Woo gehanteerde termijnen (artikel 4.4. van de Woo, 4 weken met de verdagingsmogelijkheid van nog eens 2 weken) – strakker dan de termijnen in de Wob (artikel 6 van de Wob, 2 keer 4 weken) – wel ambitieus genoeg is.

Het beeld overheerst – bij snelle eerste lezing – dat Nederland (ook) met de Woo aan de ruime kant zit. Er zijn meer uitschieters naar ‘beneden’ (Zweden viel bij een eigen onderzoek ook al op – geen termijn, in de regel binnen 24 uur reactie! En ook Slowakije klinkt met 2 keer 8 werkdagen mooi!) en naar boven (Ierland, net als de Wob 2 keer 4 weken. Of Cyprus met 30 dagen met een verlengingsoptie van 50 dagen!)

Terecht merkt men in de begeleidende brief en de beslisnota op dat het onderzoek beperkt is. Meer context is nodig. Want termijnen in de wet zijn leuk – zo kennen we ook van de Wob – maar de praktijk leert hoe het echt gesteld is met het afdoen van verzoeken. Bijkomend is natuurlijk vanzelf de vraag of het onderwerp van waar het verzoek op kan zien wel hetzelfde is. Zo lijkt een verzoek om informatie in Zweden al een beperkter bereik te hebben (alleen een “officieel document”) dus niet – zoals in Nederland – alle documenten (w.o. WhatsApp e.d.). Of “een document in het publiek domein” zoals in Finland ook zo beperkt moet worden opgevat, is ook nog niet duidelijk.

Kortom, alle seinen – wat betreft BZK en de initiatiefnemers – op groen om over te gaan tot behandelen in september en aanvaarding in oktober.

Decentrale overheden vragen om aandacht (en geld)

Ook verscheen nog een bijdrage van de koepels IPO, VNG en UvW. De aansluiting op en beschikbaarheid van PLOOI (voor alle actieve openbaarmaking op grond van artikel 3.3 verplicht gesteld via artikel 3.3b) is nog wat onduidelijk en baart zorgen, zo meldt men de Eerste Kamer. Er bestaat de nodige zorg omdat men stelt dat de actieve openbaarmaking per 1 mei 2022 ook verplicht wordt gesteld. Het is natuurlijk nog even wachten op de uitwerking in de tijdelijke regeling (zie artikel 10.2) over de verplichtingen in dat verband.

Wat brengt de Woo?

Wat de Woo gaat brengen is elders op de site te lezen. Zo zijn vindt u hier alle artikelen van de Woo met een korte toelichting (en wat relevante stukken uit de parlementaire geschiedenis). Elders zijn weer te lezen de artikelen in de Gemeentestem (deel I, deel II en deel III), in Tijdschrift voor Constitutioneel Recht en natuurlijk zijn er meerdere blogs. Echt de diepte in kunt u met het boek ‘Wet open overheid’. Dit ontvangen maar tegelijk ook in een dag bijgepraat zijn, kan (ook) 28 september of 28 oktober.